Samenvatting van de preek, 14 januari 2007

Schriftlezing: Matteus 9: 35 – 10: 4

Zingen: Gezang 313: 1, 5, 6 en 7; Psalm 116: 1 en 3; Psalm 119: 29 en 30; Gezang 470: 1; Psalm 33: 2 en 8; Gezang 474: 1, 2 en 3; Psalm 121; Gezang 473: 1, 2, 8, 9 en 10

Thema: Gods werk wacht, treedt dan aan!

Kerntekst: "Hij zei tegen zijn leerlingen: ‘De oogst is groot, maar er zijn weinig arbeiders. Vraag dus de eigenaar van de oogst of Hij arbeiders wil sturen om de oogst binnen te halen.’" (vers 37 en 38)

Doel van de dienst is, dat we mogen ervaren dat we als arbeiders van God

Samenvatting van de preek

In het alledaagse leven kun je nooit alles zelf doen. Om een bepaald werk voor elkaar te krijgen, moet je een beroep doen op iemand anders, die het werk voor je doet. Voor ieder werk, dat moet worden gedaan, zijn dus wel arbeiders te vinden.

Zo geldt het ook voor Jezus. In het voorgaande blijkt wel, dat Hij veel werk te doen heeft. De leider van de synagoge, een bloedvloeiende vrouw, blinde mensen en iemand die occult belast is, komen naar Jezus toe met een hulpvraag. Jezus heeft het dus druk. Toch ziet Jezus niet in de eerste plaats naar al zijn bezigheden. Hij ziet de mensen. En wanneer Jezus de mensenmenigte ziet, wordt Hij vervuld met medelijden, met een intense bewogenheid, een innerlijke betrokkenheid op de mensenmenigte.

Jezus ziet, dat de mensen uitgeput en hulpeloos zijn. Uitgeput door de drukte, door de dwang van de wetten en hulpeloos doordat deze mensen machteloos, klein en kwetsbaar zijn. Zo wil Jezus ons in de eerste plaats zien. Hij wil ons zien met ontferming. Hij weet hoe klein en kwetsbaar we zijn en hoe snel we door alle drukte aan Hem voorbij lopen. We mogen ons allereerst en allermeest laten verwarmen door de innerlijke ontferming van Jezus Christus voor ons leven.

Dan roept Jezus zijn discipelen bij zich. Hij heeft werkers nodig. Hij wijst hen op de oogst. De discipelen moeten met de ogen van Jezus leren kijken naar de mensenmenigte Zo geldt het ook voor ons. De oogst van mensen, die uitgeput en hulpeloos zijn als schapen die geen herder hebben, is groot. Jezus zendt hen dan nog niet direct weg. Er is nog één stap: Jezus zegt, dat de discipelen moeten bidden om arbeiders in de oogst. Na dit gebed worden ze zelf uitgezonden. Want wie bidt om arbeiders in de oogst stelt zichzelf ook beschikbaar. En er kunnen steeds weer andere arbeiders bij komen.

Bij arbeiders in de oogst kunnen we denken aan werkers in de eigen wijkgemeente. Maar we kunnen de kring ook wijder trekken: naar missionair werk en hulpverlening in de grote steden. En zending in andere werelddelen. De oogst is daar immers groter dan de werkers die er zijn. Dat gebed vraagt immers ook om betrokkenheid en bereidheid om ingeschakeld te worden.

Jezus zendt alle discipelen uit. Ze worden bij name genoemd. Jezus kan iedere leerling van Hem gebruiken. Om arbeider in de oogst te zijn gaat het niet om opleiding of bijzondere kwaliteiten. Om arbeider in de oogst te zijn gaat het om leerling zijn van Jezus, om luisteren naar wat Hij wil om het verlangen om steeds weer door Hem te worden bezield.

We kunnen soms arbeiders nodig hebben om een bepaald werk te doen. Jezus wil allereerst onze goede Herder zijn, wij mogen ons door zijn innerlijke ontferming gedragen weten. Vervolgens wil Jezus ons ook inschakelen in Zijn oogst. De oogst is om de uitgeputte en hulpeloze mensenmenigte te zien en bij te staan.

Gespreksvraag Welke nood ziet u, wanneer u met Jezus’ ogen om u heen ziet?

Gebed

Vader, wij danken U, dat U zelf onze goede Herder bent, en met innerlijke ontferming bewogen. Leer ons om zo ook naar anderen te zien. Open onze ogen voor mensen om ons heen. Amen

Reageren?

Ds. J. W. (Johan) Sparreboom, De Vroedschap 26, 2922 VC Krimpen aan den IJssel,

0180 –553301, jwsparreboom@hetnet.nl

U bent van harte welkom in wijkgemeente De Rank, Albert Schweitzerlaan 8 te Krimpen aan den IJssel.

Diensten: iedere zondag om 10. 00 uur en om 18. 30 uur

Website: www.pknkrimpen.nl/rank/