Samenvatting, 27 januari 2008, avonddienst

Schriftlezing: Lucas 15, 11 – 32

Liederen Gezang 436: 1, 5, 6 en 7; Psalm 25: 7; Psalm 34: 9; Psalm 119: 63; Psalm 103: 3 en 5; Gezang 426: 5; Gezang 451: 1, 2 en 3; Gezang 444: 1, 2 en 3

Thema: gelijkenis van de barmhartige vader

Kerntekst: "Zijn vader zei tegen hem: Mijn jongen, jij bent altijd bij me, en alles wat van mij is, is van jou. Maar we konden toch niet anders dan feestvieren en blij zijn, want je broer was dood en is weer tot leven gekomen. Hij was verloren en is teruggevonden." (vers 31 en 32)

Samenvatting van de preek

Voor de derde keer binnen het hoofdstuk van Lucas 15 komt het woord verliezen en ook weer terugvinden voor. De eerste keer ging het om een schaap, de tweede keer om een muntstuk. Maar nu gaat het om veel meer dan om een dier of een voorwerp, hoe waardevol en kostbaar deze ook kunnen zijn. Het gaat nu om het verliezen van een kind. In de tekst gaat het om twee jongens van één vader. En hoewel het verhaal de gelijkenis van de verloren zoon heet, kan het met evenveel recht de gelijkenis van de barmhartige Vader worden genoemd. Jezus stelt de vader immers centraal. Wat de vader zegt in reactie op het gedrag van zijn zoons is beslissend. De vader is het beeld van God de hemelse Vader, wiens wezen door Jezus wordt geopenbaard.

De jongste zoon zegt zijn vader op een dag vaarwel. Hij eist zijn deel van de erfenis op waarmee hij maar wil zeggen, dat hij niet kan wachten totdat zijn vader dood is. Dat zal bij de vader hard zijn binnen gekomen! Zo is het een klap in het gezicht van de hemelse Vader, wanneer we aan Hem voorbij leven, wanneer we doen alsof Hij niet bestaat. Hij vertrekt naar een ver land om zichzelf daar op een losbandige manier uit te leven. Jezus tekent hiermee de situatie van de zondaars die Hij ontvangt en met wie Hij eet. Het zijn mensen, die hun hart ophalen aan de vreugden van het leven op zoek naar geluk, maar het niet werkelijk kunnen vinden. Dan komt hij tot bezinning en neemt hij zich voor om terug te gaan naar zijn vader. Want terwijl hij alles is kwijt geraakt, heeft hij één ding behouden, namelijk zijn zoonschap. Hij blijft het kind van zijn vader. Dat blijkt wel uit de houding van de vader. Hij staat dagelijks te wachten totdat zijn zoon terugkeert. En wanneer de vader zijn zoon in de verte ziet aankomen, welt er zo’n innerlijke ontferming in hem op, dat hij naar hem toe rent. De vader legt al zijn waardigheid af en rent op de zoon toe! Zo heeft God al zijn heerlijkheid en waardigheid afgelegd, toen Hij in Christus Jezus in de wereld kwam om te lijden en te sterven aan het kruis. De vader valt zijn zoon om de hals en kust hem, waarmee de vader onvoorwaardelijk zijn liefde uit, zonder dat de zoon zelfs maar één woord van berouw heeft kunnen zeggen!

De oudste zoon lijkt zoveel beter. Hij leidt een keurig leven. Toch is het nog maar de vraag welke zoon de vader volgens het verhaal verliest. Want wanneer de jongste zoon terugkeert, en de vader zijn vreugde laat merken door een maaltijd aan te richten, wordt de oudste zoon woedend. We horen, dat hij niet naar binnen wil gaan. Kennelijk kan hij zoveel vreugde niet verdragen. Wie zelf in wrok leeft, heeft ook geen ruimte om blij te zijn. Maar dan horen, we dat de vader naar buiten komt. De vader vernedert zichzelf opnieuw. De vader zet de eerste stap om tot een verzoening met zijn zoon te komen. De vader spreekt zijn zoon ook vol liefde aan. Voor de vader is er geen verschil tussen de jongste en de oudste zoon. De vader heeft beiden even lief. De vader wil met beiden een relatie. Maar de oudste zoon verwijt zijn vader dat hij nooit waardering heeft gekregen voor al zijn zwoegen. Daarmee toont de oudste zoon, dat hij weliswaar bij zijn vader is, maar dat hij geen werkelijke relatie met de vader heeft. We vertonen trekken van deze oudste zoon, wanneer we niet werkelijk leven vanuit de innige relatie met de hemelse Vader en de Here Jezus Christus. De oudste zoon blijft in alle nabijheid toch op een afstand staan. Zo sluit de oudste zoon zichzelf uit van het feest. Zo stelt de gelijkenis ons voor de vraag wie we zijn voor God.

God de Vader heeft beide zonen even hartelijk lief en verlangt naar de relatie met beiden. Uit die barmhartigheid en vergevende liefde mogen wij leven.

Reageren: Ds. J. W. (Johan) Sparreboom, De Vroedschap 26, 2922 VC Krimpen aan den IJssel,

0180 –553301, jwsparreboom@hetnet.nl

U bent van harte welkom in wijkgemeente De Rank, Albert Schweitzerlaan 8 te Krimpen aan den IJssel.

Diensten: iedere zondag om 10. 00 uur en om 18. 30 uur

Website: www.pknkrimpen.nl/rank Hyve: http://derankkrimpen.hyves.nl/